Terwijl veel gemeenten worstelen met de kosten van zwembaden en sportvoorzieningen, kiest Gemeente Oss ervoor het hoge voorzieningenniveau van het huidige Golfbad te behouden. Dat is opvallend, want zwembaden behoren tot de meest complexe en kostbare maatschappelijke voorzieningen. De belangrijkste les uit Oss is niet alleen dat de gemeente durft te investeren, maar vooral dat zo’n voorziening alleen verantwoord kan worden gerealiseerd als gebied, gebouw en exploitatie vanaf het begin samen worden georganiseerd.

Het Golfbad in Oss is een begrip in de wijde omgeving. Jaarlijks komen zo’n 400.000 bezoekers van heinde en ver om te genieten van de vele faciliteiten in het zwembad. Dit herbergt veel meer dan alleen de gebruikelijke les- en doelgroepenbaden. ‘Zwemmen speelt een grote rol in het verenigingsleven van Oss’, legt Sandra Hofman, afdelingshoofd Vastgoedbedrijf gemeente Oss, uit. ‘In het Golfbad zijn meerdere verenigingen actief. Toen duidelijk werd dat het oude zwembad vervangen moet worden, heeft het in de gemeenteraad nooit ter discussie gestaan dat het voorzieningenniveau in stand moest blijven. Ook is besloten dat we het nieuwe zwembad op een andere plek moeten bouwen. Bij sloop/nieuwbouw op de huidige locatie zouden we een aantal jaren geen zwembad hebben. Dat zou negatief uitwerken op het verenigingsleven.’
Geen standaardgebouw
Een zwembad is geen standaardgebouw. Het is een technisch intensieve voorziening met hoge energie- en onderhoudslasten, grote bezoekersstromen, veiligheidsvragen en een exploitatie die jarenlang invloed heeft op de gemeentelijke begroting. Wie alleen stuurt op het gebouw of de laagste bouwprijs, loopt het risico dat de rekening later alsnog verschijnt: in onderhoud, bereikbaarheid, gebruik of exploitatie.
Nieuwbouw loont niet voor de gemeente
De aanpak in Oss laat zien hoe dat anders kan. De gemeente kiest niet voor sloop en nieuwbouw op dezelfde plek, omdat de stad dan jarenlang zonder zwembad zou zitten. Dat zou grote gevolgen hebben voor zwemles, verenigingen, sport en recreatie. Door nieuwbouw op een andere locatie mogelijk te maken, blijft de continuïteit van de voorziening beter geborgd. Tegelijk vraagt die keuze om meer dan een bouwplan. De locatie moet planologisch passen, goed bereikbaar zijn, verkeerskundig functioneren en ruimte bieden voor parkeren, ontsluiting en toekomstig gebruik.
Langetermijnvisie
Daarmee komt de vraag: hoe blijft deze voorziening op lange termijn functioneren? Op drie gebieden moeten vervolgens keuzes gemaakt worden. Ten eerste moet de gebiedsopgave vroeg worden meegenomen: bereikbaarheid, grondpositie, verkeer en omgevingsplan zijn geen randzaken, maar voorwaarden voor succes. Vervolgens moeten ontwerp, bouw en onderhoud in samenhang worden georganiseerd, zodat technische keuzes aansluiten op beheer en gebruik. Ten slotte moet de exploitatie vooraf goed worden ingericht, zodat maatschappelijke ambitie en financiële beheersbaarheid samengaan.
Oss laat daarmee een bredere ontwikkeling zien. Gemeenten hoeven maatschappelijke voorzieningen niet automatisch af te schalen, maar behoud van kwaliteit vraagt wel om een professionelere aanpak. Niet het gebouw is dan het vertrekpunt, maar de vraag hoe een voorziening betaalbaar, bruikbaar en waardevol blijft voor inwoners, verenigingen en gemeente.
Meer informatie: www.hevo.nl