De wereld van speel- en attractietoestellen staat aan de vooravond van een belangrijke transitie. Waar we jarenlang werkten onder het vertrouwde Warenwetbesluit Attractie- en Speeltoestellen (WAS), maken we ons nu op voor de komst van de nieuwe Warenwetbesluit Attractietoestellen , Activiteitstoestellen en Speeltoestellen (WAAS).



Hoewel de definitieve publicatie nog moet volgen, schetst de NVWA de contouren van een strenger, maar ook duidelijker toezichtkader dat naar verwachting op 1 juli 2027 in werking treedt.
O.a. kartbanen en klimbossen werden eerder ook al geïnspecteerd. Maar nu komen ze onder een wettelijk kader te vallen, het WAAS.
De NVWA gaf een toelichting op de geplande veranderingen tijdens de Kennisdag van Speelplan over onder andere ‘Veilig Spelen’ op 8 september j.l. in Ouwehands Dierenpark.



De kern van de verandering: WAAS
De overgang van WAS naar WAAS is meer dan een naamsverandering. Het doel is om de veiligheid van kinderen en consumenten verder te verhogen door verantwoordelijkheden scherper te stellen en toezicht effectiever in te richten. De NVWA benadrukt dat de drie pijlers van toezicht – beheer, controle en gebruik – leidend blijven.
De belangrijke wijzigingen op een rij:
1. Nieuwe definitie en categorieën
De definitie van wat een ‘speeltoestel’ is, wordt concreter.
Daarnaast komt er een subcategorie voor speeltoestellen:
- speeltoestellen van een eenvoudig ontwerp: Voor toestellen met een valhoogte onder de 60 cm, zonder bewegende delen of gedwongen bewegingen, vervalt de certificeringsplicht. Let op: de verplichting om deze toestellen veilig te houden en te onderhouden blijft onverminderd van kracht. (p.s.: het WAAS blijft van kracht)
Ook wordt er een aparte categorie toegevoegd aan het regime naast de attractie- en speeltoestellen, namelijk de:
- Activiteitstoestellen: Dit is een nieuwe categorie voor toestellen met een valhoogte van meer dan 3 meter of een snelheid van meer dan 10 meter per seconde (36 km/u). Denk hierbij aan klimbossen, tokkelbanen, kartbanen of bepaalde sporttoestellen. Deze toestellen vereisen nu onder het WAAS ook certificering (terwijl dat tot op heden niet vereist is) en altijd het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM’s) om de risico’s aanvaardbaar te houden
2. Aangescherpte registratie en traceerbaarheid
Traceerbaarheid wordt nog belangrijker onder de WAAS. Elk toestel moet voorzien zijn van een typeplaatje en een sluitend dossier.
- Het RAS: Register Attractie- en Speeltoestellen wordt uitgebreid en krijgt een andere naam, namelijk BRT (basis registratie toestellen). Ook de mobiele speeltoestellen, zoals opblaasstructuren, moeten hierin geregistreerd worden. Beheerders zijn zelf verantwoordelijk voor deze inschrijving bij aanschaf.
- Documentatie: Het ontbreken van een typeplaatje of bijbehorende documentatie (certificaat, factuur, keuringsrapport) kan leiden tot handhavingsmaatregelen, in het uiterste geval zelfs sluiting van het toestel.
3. Einde aan de ‘vormvrijheid’ van het actueel dossier
Waar beheerders voorheen veel vrijheid hadden in hoe zij hun ‘actueel dossier’ inrichtten, wordt deze vormvrijheid onder de WAAS ingeperkt. Het dossier moet voortaan:
- Chronologisch en overzichtelijk zijn.
- Direct gekoppeld zijn aan het specifieke toestel.
- Incidenten bevatten: Ook (bijna-)ongevallen moeten worden vastgelegd, inclusief de analyse van de oorzaak en de genomen maatregelen om herhaling te voorkomen.
4. Meldplicht voor ongevallen
De meldplicht voor ongevallen die nu al verplicht is onder het WAS2023 wordt verder uitgebreid zodat men probeert om patronen te herkennen.
5. Frequentie van keuringen
De keuringsfrequenties worden aangepast voor activiteitstoestellen en trampolineparken:
- Attractietoestellen: Blijft onveranderd, Elke 1, 2 of 3 jaar (afhankelijk van het type).
- Activiteitstoestellen: Eénmalige keuring door een Aki/CBI en een jaarlijkse toets door een onafhankelijke partij
- Certificaten: type-certificaten (voor in serie geproduceerde toestellen) zijn voortaan 10 jaar geldig.

“Speeltoestellen van een eenvoudig ontwerp hoeven niet meer te worden gekeurd maar vallen verder wel nog steeds onder het WAAS“
Mede op aanraden van Speelplan worden keuringen van eenvoudige speeltoestellen uit de keuringen geschrapt. Voorbeelden zijn evenwichtsbalken, stapstenen, zandbakken, zwerfkeien en boomstammen die bewust als speelaanleiding worden geplaatst. Walid Rahman, directeur van Speelplan, ligt toe: “Dit zorgt voor een grote verlichting van regeldruk bij een onderdeel dat in de praktijk weinig problemen oplevert. De beheerder dient er natuurlijk wel voor te zorgen dat ook deze onderdelen veilig te gebruiken zijn.”
Meer informatie: Het nieuwe WAAS: eenvoudiger speeltoestellen – Speelplan
Wat betekent dit voor u als beheerder?
De NVWA roept beheerders op om proactief te handelen. Wacht niet tot de wet in werking treedt, maar begin nu met de voorbereiding:
- Inventariseer: Controleer of al uw toestellen voorzien zijn van een typeplaatje en of de documentatie (certificaten, onderhoudsinstructies, gebruiksaanwijzing) compleet is.
- Digitaliseer: Zorg dat uw actueel dossier op orde is en gekoppeld aan de juiste toestellen. Gebruik hierbij systemen die u helpen grip te houden op inspecties en certificaten.
- Onderhoud: Budget is geen excuus voor onveiligheid. Achterstallig onderhoud, zoals houtrot of versleten valondergronden, moet direct worden aangepakt.
- Samenwerking: Overweeg samenwerking met door de NVWA erkende Private Inspectie Bureaus (PIB’s). Zij kunnen u ondersteunen bij het voldoen aan de wettelijke eisen en het actueel houden van uw dossier, wat de kans op intensief toezicht door de NVWA kan verkleinen.
Disclaimer: De informatie in dit artikel is gebaseerd op de huidige stand van zaken en onder voorbehoud van definitieve publicatie door de overheid. Houd de officiële kanalen van VWS en de NVWA in de gaten voor de definitieve regelgeving. (Ook Speelplan volgt de ontwikkelingen op de voet)
Met dank aan: Speelplan (organisator van het speelcongres)
“Speelplan is als klankbord betrokken geweest bij de opzet van de nieuwe WAAS regelgeving en daarmee goed op de hoogte van de vereisten voor beheerders van speeltoestellen. Er zijn verschillende mogelijkheden waarmee Speelplan je kan ondersteunen bij een veilige en verantwoorde speelomgeving. Er zijn o.a. cursussen waarin je o.a. wordt bijgespijkerd over de wettelijke verplichtingen. Ook kunnen inspecteurs van Speelplan je praktisch helpen bij ontwerp en inspecties.”
Meer informatie: www.speelplan.nl