De Eerste Kamer heeft 7 juli ingestemd met de wet ‘meer zekerheid flexwerkers’. De meest ingrijpende wijziging is dat de huidige nulurencontracten, de meeste min-maxcontracten en andere oproepcontracten voor reguliere werknemers verdwijnen. Daarvoor in de plaats komt het bandbreedtecontract.

In het bandbreedtecontract wordt er een minimum- en een maximumaantal uren afgesproken, waarbij het verschil maximaal 30% is. Dit betekent dat bij een minimum van 10 uur het maximum 13 uur is. Oproepen die boven het maximum zitten mogen door de werknemer geweigerd worden. En als er structureel meer wordt gewerkt moet er een contract worden aangeboden met een hoger aantal uren. Wel kent de wet een uitzondering voor bijbanen van mensen die een ander hoofdactiviteit hebben, zoals AOW-gerechtigden, scholieren en studenten.
Uitzendkrachten
Mensen die werken via een uitzendbureau moeten minimaal gelijkwaardige arbeidvoorwaarden krijgen als mensen die regulier in dienst zijn. Dit volgde voor beloning al uit een uitspraak van het Europees Hof van Justitie, en wordt nu voor alle arbeidsvoorwaarden vastgelegd in de Nederlandse wet. Dit onderdeel treedt eerder in werking, op 31 december 2026. Ook worden de meest onzekere fases van uitzendwerk verkort. En tot slot krijgt de minister de mogelijkheid om in te grijpen als er sprake is van structurele onderbetaling in de uitzendsector.
Bron en meer informatie: Meer zekerheid voor mensen met een flexcontract | Rijksoverheid.nl
Gevolgen voor de recreatiesector
Vakantieparken, campings, attractieparken, dierentuinen, musea en evenementenlocaties maken veel gebruik van oproepkrachten, seizoensmedewerkers en uitzendkrachten. De wet beperkt die flexibiliteit aanzienlijk, terwijl werknemers juist meer inkomens- en roosterzekerheid krijgen.
Branchevereniging HISWA Recron zet voor de achterban de plussen en minnen van de nieuwe wetgeving op een rijtje:
Positief
- scholieren en studenten kunnen op oproepbasis blijven werken;
- AOW-gerechtigden kunnen eveneens op oproepbasis blijven werken;
- daarmee blijft een belangrijk deel van de huidige flexibele personeelsinzet mogelijk.
Uitdagend
- reguliere nulurencontracten verdwijnen;
- werkgevers moeten overstappen op bandbreedtecontracten, wat kan leiden tot extra administratieve lasten;
- terugkerende seizoensmedewerkers kunnen minder eenvoudig opnieuw tijdelijk worden aangenomen door de verlenging van de ketenonderbreking naar drie jaar, tenzij gebruik wordt gemaakt van de seizoensregeling in de cao;
- uitzendkrachten worden duurder en krijgen sneller meer rechten.
Bron en meer informatie: Wet meer zekerheid flexwerkers definitief – op www.hiswarecron.nl