Nederland telt recordaantal van 2.360 campings; groei vooral bij kleinschalig aanbod

Nederland telt volgens CompanyData.com 2.360 geregistreerde campingvestigingen. Dat zijn er 240 meer dan in 2019. Opvallend is dat vrijwel de volledige groei volgens de databron bestaat uit kleinschalige terreinen. Voor de verblijfsrecreatie laat dat zien dat groei niet alleen uit grotere vakantieparken en campings komt, maar juist ook uit minicampings en kleinschalige aanbieders.

De SVR is een belangrijke vertegenwoordiger van boerencampings met 1200 aangesloten camping in Nederland (Foto door @Pretwerk vanaf de Kampeer en Caravan Jaarbeurs 2026)

Het aantal geregistreerde campings in Nederland staat volgens CompanyData.com op een recordniveau.

De bedrijfsdataspecialist telt 2.360 vestigingen met SBI-code 5530, kampeerterreinen. Dat zijn er volgens de organisatie 65 meer dan bij de vorige meting, een stijging van 2,8 procent.

De ontwikkeling is opvallend omdat de Kamer van Koophandel in 2019 nog wees op een jarenlange daling van het aantal campings.

Sinds 2019 kwamen er 240 campingvestigingen bij

Sinds 2019 is het aantal volgens CompanyData met 240 vestigingen toegenomen.

De groei zit daarbij vooral aan de kleinschalige kant van de markt. Van die 240 extra campings hebben er volgens de analyse 220 een terreinoppervlakte tot 5.000 vierkante meter. CompanyData noemt daarbij onder meer boerencampings en minicampings als voorbeelden.

Daarnaast kwamen er 20 grote campings bij met een terrein van meer dan 15.000 vierkante meter.

Voor ondernemers is die verdeling interessant. De groei van het aantal bedrijven betekent dus niet automatisch dat de totale markt vooral uit steeds grotere campings bestaat. Nieuwe toetreders lijken juist vaak een relatief kleinschalig product aan te bieden.

Zuid-Holland groeit procentueel het hardst

De sterkste procentuele groei sinds 2019 wordt volgens CompanyData gemeten in Zuid-Holland. Daar nam het aantal campings toe van 110 naar 145, een stijging van 32 procent.

  • Zuid-Holland: van 110 naar 145 campings (+32 procent)
  • Zeeland: 275 campings (+20 procent)
  • Noord-Brabant: 315 campings (+19 procent)
  • Gelderland: 465 campings, in absolute aantallen de grootste campingprovincie
  • Noord-Holland: gelijk gebleven op 170 campings

Noord-Holland wijkt daarmee af van de groeitrend.

Meer aanbieders betekent ook meer lokale concurrentie

Voor bestaande campingondernemers is vooral de geografische en kleinschalige groei relevant.

Een minicamping of boerencamping concurreert niet altijd rechtstreeks met een groot vakantiepark, maar kan wel dezelfde gast aanspreken die zoekt naar natuur, rust, persoonlijk contact of een lagere prijs.

Dat maakt het voor ondernemers belangrijk om niet alleen grote regionale spelers te volgen. Ook nieuwe kleinschalige aanbieders kunnen invloed hebben op het aanbod in een gemeente of toeristische regio.

Tegelijkertijd kan extra aanbod ook helpen om een bestemming als kampeerregio sterker te maken. Meer bedrijven kunnen gezamenlijk zorgen voor meer zichtbaarheid, voorzieningen en samenwerking.

Kijk goed naar wat precies wordt geteld

Bij de cijfers hoort een belangrijke methodologische kanttekening.

CompanyData baseert de telling op vestigingen met SBI-code 5530, kampeerterreinen, uit CBS StatLine en de Kamer van Koophandel. Het CBS rondt aantallen af op vijftallen. De gegevens over terrein en locatie komen uit de database van CompanyData.

De telling gaat dus over geregistreerde vestigingen en niet rechtstreeks over het aantal kampeerplaatsen, de capaciteit of het aantal toeristische overnachtingen. Een toename van het aantal ondernemingen betekent daardoor niet automatisch een even grote groei van de totale kampeercapaciteit.

Ook de formulering dat er ‘dit jaar’ 65 campings bijkwamen verdient enige nuance. De bron vermeldt als methodiek een peildatum van 1 januari. Voor een goede vergelijking is het daarom vooral verstandig om naar de verschillen tussen de jaarlijkse peildata te kijken.

Kleinschaligheid wordt zichtbaarder in het aanbod

De belangrijkste ontwikkeling uit de cijfers is daarmee niet alleen dat Nederland meer campings telt, maar vooral welk type aanbod groeit.

Wanneer 220 van de 240 extra vestigingen sinds 2019 op een terrein tot 5.000 vierkante meter liggen, wordt het kleinschalige segment duidelijk zichtbaarder.

Voor grotere campings kan dat aanleiding zijn om scherper te kijken naar de eigen onderscheidende waarde. Voor agrarische ondernemers en andere nieuwe toetreders laat het juist zien dat kleinschalige verblijfsrecreatie een groeiend onderdeel van het Nederlandse aanbod is.

Meer informatie: Meer campings dan ooit: vooral kleinschalige camping wint terrein (op companydata.nl)

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *