De provincie Utrecht wil een steunpakket oprichten waar de cultuur- en erfgoedsector een beroep op kan doen om financieel door deze zware periode heen te komen. Het gaat om een bedrag van ongeveer 6 miljoen euro, verdeeld over drie sporen.

De provincie Utrecht wil een steunpakket oprichten waar de cultuur- en erfgoedsector een beroep op kan doen om financieel door deze zware periode heen te komen. Het gaat om een bedrag van ongeveer 6 miljoen euro, verdeeld over drie sporen.

De precieze uitwerking van dit steunpakket zal de komende tijd, in afstemming met gemeenten, en andere partners uit de culturele sector verder vorm krijgen. De definitieve besluitvorming over het algehele steunpakket zal in juli plaatsvinden bij de behandeling van de Zomernota 2020 en de Kadernota 2021 in Provinciale Staten. In de vergadering van 3 juni besluiten Provinciale Staten over het nieuwe Cultuur- en erfgoedprogramma ‘Voor Jong & Altijd’ 2020-2023, dat de basis legt voor het beleid voor de komende vier jaar en provinciale partners reeds in belangrijke mate financiële zekerheid en continuïteit biedt.

Gedeputeerde Rob van Muilekom: “Ik ben trots op onze vele culturele instellingen en het bijzondere erfgoed dat onze provincie rijk is. Met dit steunpakket willen wij als provincie Utrecht ook een bijdrage leveren aan het behoud van deze sterke, Utrechtse cultuur- en erfgoedsector. Afwachten is nu geen optie!”

Drie sporen

  1. Het eerste spoor is de ondersteuning aan de organisaties waarvoor de provincie in het cultuur- en erfgoedprogramma verantwoordelijkheid draagt, zoals de kasteelmusea en de festivals. Vooral deze laatste categorie is zwaar getroffen, omdat festivals zijn afgelast, terwijl een groot deel van de kosten al wel is gemaakt. 
  2. Het tweede spoor komt vanuit de culturele Stedelijke Regio. De gemeenten Utrecht en Amersfoort doen mee aan de matching van  Rijksmiddelen voor de regionale infrastructuur. Samen met de provincie en het Rijk leggen zij een deel in van het geld voor de ondersteuning aan de grote instellingen met een regionale/landelijke functie, zoals TivoliVredenburg, het Centraal Museum en De Lieve Vrouw. 
  3. Het laatste spoor is het overeind houden van de regionale culturele infrastructuur, samen met de gemeenten. De regionale instellingen zoals streekmusea of theaters komen vaak niet in aanmerking voor Rijksmiddelen maar hebben een belangrijke functie in het regionale netwerk van de sector. Zij zorgen ervoor dat iedereen gebruik kan maken van cultuur en erfgoed. Ook werken deze instellingen vaak nauw samen met bijvoorbeeld cultuureducatie en bibliotheken. Om deze ‘instellingen van vitaal belang’ binnen de provinciale infrastructuur voor cultuur en erfgoed te ondersteunen, gaat een groot deel van het steunpakket naar dit spoor. In nauwe samenwerking met gemeenten wordt een plan gemaakt voor de uitwerking van het steunpakket.

Bron en meer informatie: www.provincie-utrecht.nl