Bij kunstmatige ondergronden wordt niet regelmatig gemeten hoe groot de val-imact (HIC-waarde) is. De leverancier van bijvoorbeeld rubbertegels heeft immers een certificaat verkregen op basis van een uitgebreide voorgeschreven meetmethode die rekening moet houden met te verwachten gebruik en levensduur. Johan Oost van OBB speelruimtespecialisten en Bas Visser van Wireless Value voerden een test uit naar verschillende valondergronden en kwamen tot opvallende conclusies. Bij kunstmatige ondergronden wordt niet regelmatig gemeten hoe groot de val-imact (HIC-waarde) is. De leverancier van bijvoorbeeld rubbertegels heeft immers een certificaat verkregen op basis van een uitgebreide voorgeschreven meetmethode die rekening moet houden met te verwachten gebruik en levensduur. Johan Oost van OBB speelruimtespecialisten en Bas Visser van Wireless Value voerden een test uit naar verschillende valondergronden en kwamen tot opvallende conclusies. valdempende ondergrond

Johan Oost weet uit ervaring dat van de natuurlijke ondergronden, zoals gras en zand, de valdempende kenmerken alleen globaal bekend zijn uit een indicatieve tabel. Om de discussie rond valondergronden te onderbouwen voerde Visser een aantal metingen met de draadloze HIC-meter uit op het terrein rond OBB. De uitkomsten waren verrassend. Bij deze metingen op gras, puinrijk zand en grond zagen Oost en Visser al direct opvallende uitkomsten: natuurlijke ondergronden leken in ieder geval gunstiger dempende eigenschappen te hebben dan de indicatieve tabel doet vermoeden en zelfs een stenige ondergrond kon een valdemping tot ruim 2 meter bieden. Sterker nog, het leek erop dat er soms rubbertegels waren aangelegd waar het originele gras meer valdempende waarde had! Dit zou in de praktijk betekenen dat wij op veel speelplekken nogal wat (kostbare) schijnveiligheid hebben gecreëerd: ouders en kinderen denken dat een rubber ondergrond veilig is en gemeenten denken aan de hand van de opgegeven waarden dat ze hebben gekozen voor de juiste oplossing bij de beschreven valhoogte van een toestel. Aan de hand van de onderzoeksstelling: kunstmatige valdempende ondergronden hebben minder valdempende waarde dan wordt aangenomen en zelfs vaak minder dan die van een natuurlijke ondergrond als zand of gras’ gingen Bas en Johan de uitdaging aan een onderzoek uit te voeren. Resultaten en conclusies De resultaten van de meetgegevens voor verschillende ondergronden zijn samengevat in tabelvorm. Te zien is dat de onderzoeksstelling wordt ondersteund: bij de metingen op één speelplek liggen de HIC-waarden van de kunstmatige ondergrond regelmatig lager dan die van het gras en de grond er vlak naast. Een voorbeeld:

  • Rubbertegels: 1,43 m
  • Kunstgras: 2,07 m
  • Gras 1: 2,25 m
  • Gras 2: 2,40 m
  • Houtsnippers: 2,56 m

Er is voldoende stof tot nadere vragen dus, maar ook de vraag of niet meer rekening moet worden gehouden met de lokale situaties in plaats van aan de hand van NEN-normen alles over een kam te scheren. Zoals Oost stelt; ‘We hebben (bewust) niet eens in veengebieden gemeten. Ik ben er wel zeker van dat daar nog extremere verschillen in valdemping tussen natuurlijke en kunstmatige ondergronden voorkomen. Anderzijds heb je natuurlijk ook kleigronden die kunnen uitdrogen. Maar voor zover mij bekend is daar door de normcommissie nooit eens onderzoek naar gedaan. Ik denk dat een dergelijk onderzoek een stuk minder hoeft te kosten dan al de kosten van de valdempende ondergronden die naar mijn inzicht overbodig zijn aangelegd.’ Vanaf 10 oktober worden de uitgebreide resultaten gepubliceerd op de website van OBB Meer informatie: www.obb-ingenieurs.nl red.: Overigens is valveiligheid slechts één van de argumenten om voor een bepaalde ondergrond te kiezen. Ook het soort gebruik, kosten (incl. beheer en onderhoud), duurzaamheid, gewenste uitstraling en de aanwezige ondergrond bepalen mede de keuze voor de ondergrond.