Er hangen donkere wolken boven ons land als het gaat om het behoud van onze culturele eigenheid. In Amsterdam is de situatie inmiddels helemaal uit de hand gelopen. Daar is de ‘verpretparking’ al in een vergevorderd stadium. Het ledigh vermaak, vaak ook nog vergezeld van ervaren overlast, is een doorn in het oog van onze cultuurbewakers. Er hangen donkere wolken boven ons land als het gaat om het behoud van onze culturele eigenheid. In Amsterdam is de situatie inmiddels helemaal uit de hand gelopen. Daar is de ‘verpretparking’ al in een vergevorderd stadium. Het ledigh vermaak, vaak ook nog vergezeld van ervaren overlast, is een doorn in het oog van onze cultuurbewakers. [caption id="attachment_52848" align="alignright" width="300"] een attractie bij Wildlands Emmen[/caption] Het zijn niet alleen de historische steden die zijn geïnfecteerd. Ook musea, dierentuinen en andere serieuze cultuurdragers vertonen verschijnselen die lijken op pretparken. Zo waarschuwde Artis directeur Haig Balian tijdens zijn afscheidsinterview met het FD: “Je ziet een verontrustende trend, niet alleen in Nederland, waarbij dierentuinen een soort pretparken worden. Er zit een foute gedachtegang achter: hoe kan ik iets commerciëler maken? Maar een achtbaan bouwen bij een dierentuin, is dat nou echt commerciëler? Misschien verdien je wat meer geld. Maar het slechte is dat dier en plant überhaupt niet meer centraal staan.” [caption id="attachment_27273" align="alignright" width="300"] Attractie Vuurproef, Spoorwegmuseum, Utrecht.[/caption] In de museumwereld was het Spoorwegmuseum Utrecht, destijds onder leiding van Paul van Vlijmen, een van de eerste grote musea die koos voor een meer recreatieve benadering. Het deed bij veel museumcollega’s op z’n minst de wenkbouwen fronsen. Bij zijn afscheid in 2015 liet hij een financieel gezond museum achter dat kon terugkijken op mooie groeicijfers. Over de inhoudelijke aanpak schreef de Raad van Toezicht: “Met het baanbrekende museumconcept (2005), rond de vijf werelden van het spoor en als rode draad educatie door vermaak, zette Paul het museum nationaal en internationaal op de kaart als vooruitstrevend, vernieuwend en avontuurlijk.” Inhoudsloos vermaak Pretparken hebben een slechte naam bij een deel van de Nederlandse culturele elite. Het is inhoudsloos vermaak; hapklare brokken van vrijetijdsbesteding, gericht op een snelle beloning in de vorm van een ervaren emotie; adrenaline, lachen, plezier ervaren. Je brein wordt daarbij nauwelijks geprikkeld om de geboden ‘uitdagingen’ te verteren. Daar zit, zonder twijfel, een kern van waarheid in. De vraag die je je kunt stellen: “Moet vrijetijdsbesteding altijd een persoons-verrijkende meerwaarde hebben?” [caption id="attachment_52849" align="alignright" width="300"] Rollenspel in het Muiderslot (cultuurhistorisch erfgoed)[/caption] Vermaak als doel of middel? Veel dagrecreatieve bedrijven hebben als primair doel om hun gasten een leuke dag te bezorgen. Daar is hun businessmodel ook op ingericht. In de dagrecreatieve sector zien we ook veel organisaties waar (ook) andere doelstellingen op de voorgrond staan. Bijvoorbeeld bescherming en behoud van natuur en diersoorten (b.v. dierentuinen, Staatsbosbeheer), behoud van cultuurhistorisch erfgoed (musea), of het delen en verspreiden van kennis (science centers). Vaak staat bij dit soort organisaties de attractie of attractiewaarde ten dienst van deze doelstelling. Voor diverse doelgroepen is de natuur of cultuur ‘de kern van de attractie’ die dan wel beleefbaar en toegankelijk is gemaakt. [caption id="attachment_47786" align="alignright" width="300"] Natuurspeelplaats Tiengemeten. foto Natuurmonumenten / Rob Doolaard[/caption] Deze mixvorm wordt ook wel aangeduid als edutainment. Er zijn twee aanvliegroutes voor het toepassen van edutainment, waarin leisure ten dienste staat van een ander doel:
  • • Starten vanuit de attractie(waarde) of verhaal en daar de andere doelstellingen op laten aansluiten. (b.v. Sherwood Forrest waar het verhaal van Robin Hood door boswachters wordt verteld onder een oude eik en waarin de dieren en planten een rol krijgen in het verhaal)
  • • Starten vanuit hun ideële doelstelling (b.v. te tonen collectie) en daar een attractie, thema en/of verhaal omheen bedenken.
[caption id="attachment_47031" align="alignright" width="300"] Ja, er zijn ook slechte praktijkvoorbeelden.[/caption] Leren van pretparken Rondom de wereld van attractieparken is een professionele kennis-infrastructuur ontstaan. Kennis- en opleidingsinstituten doen onderzoek – zelfs op wetenschappelijk niveau, en de grotere parken en ketens pakken hun investeringen zeer gedegen aan. De economie van het vermaak is bijzonder professioneel georganiseerd. Er zitten zelfs leermomenten in voor andere sectoren en maatschappelijke organisaties zoals:
  • De kracht van attractiewaarde; ‘to attract’ is publiek aantrekken. Deze attractiewaarde is afhankelijk van de doelgroep die je wilt bereiken. Een goede attractie trekt de aandacht bij de gewenste doelgroep en brengt mensen in beweging.
  • De experience economy. Een product heeft voor de gebruiker een hogere waarde als daar een beleving met een blijvende herinnering aan is gekoppeld. In feite is Walt Disney, met zijn eerste pretparken, de grondlegger geweest van deze filosofie.
  • Een attractiepark kun je zien als een uniek ecosysteem waarin gastbeleving en commerciële uitgangspunten gebalanceerd op elkaar zijn afgestemd. Er wordt o.a. gekeken naar verdienmodellen; entree, horeca, parkeren en souvenirs liggen het meest voor de hand. Sponsoring, (bedrijfs)evenementen, vip-arrangementen en fast-passes zijn voorbeelden van nieuwere vormen.
  • Een attractiepark kan op een relatief klein oppervlakte veel mensen ontvangen. Een goede logistiek is belangrijk voor de maximale capaciteit en de gastbeleving. Hoe ga je op met wachtrijen, parkeren, informatie over wachttijden, inrichten van logische looproutes en het verworgen van je gasten in de horeca. (want iedereen wil op hetzelfde moment eten.)
  • Klant (gast) centraal. Attractieparken zijn een prominent deelnemer aan de gastvrijheidseconomie. Daarin staat het ‘in de watten leggen’ van je gasten centraal. Het is een grote meerwaarde als je je gasten kent. Dat is niet nieuw. De manier waarop dat georganiseerd wordt wel. (geautomatiseerd)
  • Kostenbeheersing. De meeste attracties komen niet in aanmerking voor subsidies en bijdragen van de overheid. Uitdagingen waarmee de attractiesector te maken heeft zijn o.a. fluctuatie van bezoek. Seizoen, vakanties, weekenden en feestdagen. Met name in de vraagstukken rond op- en afschalen van de bedrijfsvoering zijn er lessen te leren.
enkele voorbeelden uit De Efteling: [gallery link="file" columns="2" size="medium" ids="52850,52851,52852,52853"] [caption id="attachment_50227" align="alignright" width="300"] Efteling attractie Symbolica[/caption] Recreatie krijgt meer inhoud Terwijl je ziet dat ‘attractiewaarde’ en ‘edutainment’ een rol krijgen in het programma van steeds meer instellingen met een educatieve achtergrond, is er ook een omgekeerde trend gaande. Attractieparken en recreatiebedrijven kiezen steeds vaker voor een programma dat prikkelt en leerzaam is. Het is een meerwaarde voor het bezoekend publiek; Je hebt een leuke tijd, en steekt er ook nog iets van op! Zo is de nieuwste Efteling-attractie Symbolica opgezet om je fantasie te prikkelen en zelf je verhaal te maken in ‘Het rijk der fantasie.’, zo vertelde creatief directeur Olaf Vugts in een interview met vakblad Recreatief Totaal. De attractie is zodanig ingericht dat je telkens met een nieuw verhaal naar buiten kunt komen. Ook op vakantieparken zie je steeds meer dagrecreatief aanbod dat inspeelt op een vakantie met meerwaarde. Bijvoorbeeld de kinderacademies bij Hof van Saksen. Ook ‘gewoon’ de wandeling met de boswachter die vanuit het park wordt aangeboden behoort tot deze categorie, die steeds meer gevraagd wordt door de gasten. Wat is jou visie op de 'verpretparking' van onze samenleving? Laat een bericht achter onder dit artikel...