De vrijetijdseconomie in het Waddengebied is vooral ontstaan ondanks, en niet dankzij, een sterk planologisch regime. Stefan Hartman concludeert dat de verandering in de Waddenregio van een overwegend landbouwgebied naar een vrijetijdslandschap wordt geremd door een sterk beperkend planningsregime. De vrijetijdseconomie in het Waddengebied is vooral ontstaan ondanks, en niet dankzij, een sterk planologisch regime. Stefan Hartman concludeert dat de verandering in de Waddenregio van een overwegend landbouwgebied naar een vrijetijdslandschap wordt geremd door een sterk beperkend planningsregime. [caption id="attachment_40685" align="alignright" width="300"]Wadlopen bij Pieterburen. Wadlopen bij Pieterburen.[/caption] Dat de vrijetijdseconomie in het gebied zich toch ontwikkelt, komt onder meer omdat zij voorziet in lokale sociaaleconomische behoeften. Hartman stelt dat ruimtelijke planners tegenwoordig worden uitgedaagd om transitiemanagers te worden. Zij moeten zich inzetten om regio’s te begeleiden bij de overgang naar vrijetijdlandschappen door er op toe te zien dat regio’s beschikken over voldoende vermogen om zich aan te passen. Adaptief vermogen Hartman onderzocht de rol van ruimtelijke planning bij regio’s die een ontwikkeling doormaken tot vrijetijdslandschap. Vrijetijdslandschappen zijn regio’s die sterk in het teken staan van toerisme, recreatie en vrije tijd. De vrijetijdseconomie stuwt de transformatie van het ruimtelijke en sociaaleconomische landschap van veel regio’s. Vrijetijdslandschappen ontstaan als gevolg van adaptief vermogen: een opeenvolging van landschappelijke aanpassingen die uiteindelijk leiden tot de transformatie – ofwel ‘transitie’ – van het ruimtelijke en sociaaleconomische landschap. Bovendien stelt adaptief vermogen regio’s in staat om mee te bewegen met de dynamiek van de netwerksamenleving en de globaliserende (vrijetijds)economie. Storytelling Hartman deed meervoudig casestudieonderzoek. In casestudies bij de Friese Meren en de Hondsrug onderzocht hij in hoeverre strategische toepassingen van storytelling (SST) optreden als katalysator voor regionale ontwikkeling. Hij concludeert dat SST een katalysator kan zijn voor het bijeenbrengen van actoren, het samenbrengen van middelen en het bevorderen van ruimtelijke ontwikkelingen. Het effect van SST hoeft echter niet meteen zichtbaar te worden in de ruimtelijke ontwikkeling, omdat de ontwikkeling van vrijetijdslandschappen een langdurig transitieproces vergt. Flexibiliteit nodig Hartman onderzocht ook hoe de provincie Friesland ruimtelijke kwaliteit stimuleert – een fundamentele pilaar voor de ontwikkeling van vrijetijdslandschappen. Hij toont aan dat regio’s niet alleen moeten beschikken over de capaciteit om met verstoringen om te gaan en deze te voorkomen (robuustheid), maar dat zij ook moeten beschikken over flexibiliteit om vooruitgang en verbetering te boeken. Stefan Hartman deed de Research Master ‘Regional Studies: Spaces and Places, Analysis and Intervention’. Hij verrichtte zijn onderzoek bij de afdeling Spatial Planning & Environment van de Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen. Een deel van het onderzoek werd gedaan in samenwerking met de afdeling Leisure & Tourism van Stenden University of Applied Sciences. Hartman is tegenwoordig senior onderzoeker en docent aan Stenden University. Het gehele proefschrift is hier te lezen.