Uit de jaarlijkse enquête onder de leden van de branchevereniging Spelen en Bewegen (inrichting speel- en beweegruimte) komt naar voren dat de negatieve gevolgen van Covid19 in 2020 voor de branche redelijk beperkt zijn.

Diverse bedrijvenmelden weliswaar een terugloop of uitstel van opdrachten,maar over de hele linie is dit in evenwicht met die bedrijven waarmee het in 2020 beter is gegaan. Voor de gehele branche geldt dat ze goed is voor een totale omzet van ruim 100 miljoen e nbijna 2000 directe arbeidsplaatsen genereert (cijfers 2019).

De branche verwacht bezuinigingen (o.a. bij overheden), maar ook toenemende aandacht voor gezond leven en buiten bewegen.

De leden van de branchevereniging zijn zeer voorzichtig in hun toekomstverwachting. Enerzijds verwacht men dat gemeenten uit bezuinigingsoverwegingen minder geld aan speelruimte zullen besteden. Of voorgenomen projecten zullen uitstellen als gevolg van Covid19.

Recreatiebedrijven die veel omzet misten, zullen nieuwe investeringen voor zich uit schuiven, zo verwacht men. Anderzijds zien de leden kansen door de toenemende aandacht voor het belang van gezond leven en voor bewegen in de buitenlucht, iets wat weerspiegeld wordt in het Preventieakkoord. En ook het toenemend aantal binnenlandse recreatieve verblijven vraagt verhoogde inzet voor het op peil brengen van de speelvoorzieningen. Dit draagt bij aan het voorzichtige optimisme binnen de branche.

De Branchevereniging doet een oproep aan de landelijke en de gemeentelijke politiek

Juist om het bewegen in de openbare ruimte door de jeugd te blijven stimuleren, roept de branche de landelijke politiek op ook na de verkiezingen het preventiebeleidvoort te zetten, gericht op gezond leven. En zij roept gemeenten op te blijven investeren in voldoende, kwalitatief goede en voor ieder kind toegankelijke speelruimtes in de openbare ruimte.

Bron en meer informatie: Branchevereniging Spelen en Bewegen