Voor veel ondernemers in de vrijetijdseconomie is 1 juni een belangrijke dag: de maatregelen rondom COVID-19 worden enigszins versoepeld voor onder meer de horeca, musea en bioscopen. Het biedt ondernemers en instellingen de kans om – voorzichtig – te gaan werken aan een eerste herstel.

Voor veel ondernemers in de vrijetijdseconomie is 1 juni een belangrijke dag: de maatregelen rondom COVID-19 worden enigszins versoepeld voor onder meer de horeca, musea en bioscopen. Het biedt ondernemers en instellingen de kans om – voorzichtig – te gaan werken aan een eerste herstel.

De restricties die vanaf 1 juni gelden, bijvoorbeeld een maximum voor het aantal bezoekers, leidt in de vrijetijdssector nog steeds tot een fors omzetverlies. Die komt bovenop de schade die in de afgelopen maanden al geleden is. ZKA Leisure Consultants heeft op basis van kengetallen, brancherapporten en de geldende restricties uit het ‘spoorboekje’ van de overheid geraamd hoe groot de schade aan het einde van het jaar zal zijn voor de vrijetijdseconomie [1]. In het meest gunstige scenario – als het huidige ‘spoorboekje’ de rest van het jaar kan worden gevolgd – zal het omzetverlies voor de vrijetijdseconomie in 2020 ongeveer € 12,5 miljard bedragen, ofwel ongeveer 35% van de directe toeristische bestedingen in Nederland (omzet van reisorganisaties, vliegmaatschappijen en retail is niet opgenomen in dit bedrag).

Evenementenbranche en cultuur het hardst getroffen, verblijfssector ten dele op regulier niveau

De evenementenbranche en de cultuursector worden het hardst getroffen door de maatregelen die volgen op de pandemie: in deze sectoren loopt het verlies op tot 65%-90%. De evenementenbranche is sterk afhankelijk van het voorjaar en de zomer, waar alle evenementen en voorstellingen zijn afgelast.  De verblijfssector wordt wat minder hard geraakt: ondanks fors omzetverlies in het voorjaar zoeken Nederlanders in deze onzekere tijden naar ontspanning: steeds meer Nederlanders kiezen voor een vakantie in eigen land. Toch zijn er verschillen. De hotels worden relatief hard geraakt, omdat zij in hun bezetting deels afhankelijk zijn van de (internationale) zakelijke markt en congressenmarkt, die beiden grotendeels stil zijn komen te liggen. Campings, jachthavens en vakantieparken met veel vaste (lig)plaatsen en tweede woningen merken juist minder van de crisis, omdat een deel van hun inkomsten – de huur van een jaar- of ligplaats – al voor de start van de crisis waren geïnd. De bestedingen per persoon lopen wel  wel fors terug, omdat op campings bijvoorbeeld restaurants gesloten zijn.

Versoepeling kan schade beperken

Veel ondernemers en instellingen zullen hopen dat vanaf 1 september, de grenzen aan het maximale aantal bezoekers worden opgeheven. Met name voor de podiumkunsten, waar in september het seizoen van start gaat, is dit belangrijk voor het herstel. Als alleen rekening wordt gehouden met anderhalve meter afstand is er ook sprake van omzetverlies, maar minder dan als bijvoorbeeld alle theaters gesloten blijven. Het is belangrijk om van het positieve uit te gaan, maar ZKA heeft ook een scenario geraamd waarbij de restricties uit het ‘spoorboekje’ tot aan het einde van het jaar blijven gelden. In dat geval loopt de omzetschade voor de vrijetijdseconomie op tot circa € 16 miljard (ofwel bijna 50% van de reguliere omzet), met ongetwijfeld sterke effecten op de werkgelegenheid. Het verschil met € 12,5 miljard is beperkt omdat een groot deel van de schade inmiddels al is opgelopen.

Samenstelling vrijetijdsaanbod bepalend voor regionale verschillen impact crisis

Tussen regio’s kan de impact sterk verschillen. De samenstelling van het vrijetijdsaanbod heeft hierop een sterke invloed. De schade kan relatief beperkt blijven in regio’s met veel campings en vakantieparken, zeker als de gasten voornamelijk uit Nederland, België en Duitsland zullen blijven komen. In meer stedelijke regio’s is het effect naar verwachting groter, door het uitgebreide aanbod aan horeca, culturele instellingen, evenementen en zakelijke accommodaties. Ook plekken met een grote afhankelijkheid van internationaal (zakelijk) toerisme, zoals Amsterdam en de regio rondom Schiphol, maar ook de kust en de Waddeneilanden, zullen naar verwachting fors lijden onder de crisis.

Met dank aan: Ronald Haagen, adviseur bij ZKA leisure

Per regio kan het effect van de crisis sterk verschillen. Benieuwd hoe groot het effect in uw regio is of wilt u weten hoe de toeristische sector weer herstel kan vinden, neem dan contact met mij op tel. 06-51535260 of r.haagen@zka.nl

Ronald Haagen

[1] Bij de raming zijn we ervan uitgegaan dat de vrijetijdseconomie is opgebouwd uit de verblijfssector (hotels, vakantieparken, campings, groepsaccommodaties, jachthavens en tweede woningen), horeca, musea, podiumkunsten, evenementen en  dagattracties.